Hilversum, 27 juli 2019.

Misschien omdat het komkommertijd voor (politiek) nieuws is of omdat de Pride Week in Amsterdam voor de deur staat, maar nieuws over de herkomst van homoseksualiteit (lhbt-in allerlei vormen & gradaties) komt weer boven drijven.

In NU.nl staat een artikel over de herkomst van homoseksualtiet (LHBT+), waarbij onderzoekers testosteron bij dieren inspoten of juist onthielden, die vervolgens homoseksueel gedrag gingen vertonen. Hieronder een citaat uit deze tekst:

“Pre-homogedrag is zichtbaar

Laten we beginnen bij het begin. Proefpersonen bekeken in 2008 kinderfilmpjes van mensen die inmiddels volwassen waren, voor een studie van de Northwestern University (VS). Ze moesten beoordeelden of de kinderen zich typisch gedroegen als een jongen of meisje van die leeftijd. Alleen de onderzoekers wisten wie van hen later homo of hetero bleek te zijn.

Toch zagen de proefpersonen al ander gedrag bij al die spelende, zingende en fietsende kinderen, en dat vanaf vijf jaar. Neurowetenschapper Simon LeVay beschrijft dat als “pre-gaykinderen” in het boek Gay, Straight, and the Reason Why. Homoseksueel zijn ze nog niet, maar ze zullen dat wel worden.

Lesbiennes hebben meer ruimtelijk inzicht

De verschillen uiten zich in meer dan alleen gedrag. Zo blijkt uit diverse studies van seksualiteitsonderzoeker Anthony Bogaert van de Brock University (Canada) dat homomannen gemiddeld net iets kleiner en ook lichter zijn dan hetero’s, terwijl lesbiennes juist relatief groot zijn. Ook in gezichten vind je verschillen, constateerde Bogaert in 2015. Lesbiennes hebben volgens hem bijvoorbeeld een (iets) smaller voorhoofd en homomannen hebben een kortere neus.

Ook het vermogen om ruimtelijke puzzels op te lossen, verschilt. Mannen zijn hier over het algemeen beter in dan vrouwen, maar homomannen scoren relatief slecht en lesbiennes juist goed, zo blijkt uit diverse studies”.

Lees meer op NU.nl; foto: idem.