Londen, 28 juni 2019.

Studies suggest the reasons are often linked to three factors – economic development, democracy and religion. One theory is that a nation’s economy shapes the attitudes of its people – including how they feel about LGBT rights. Often, poorer nations tend to be less supportive, partly because cultural values tend to focus more on basic survival.

When people are concerned about things like clean water, food, shelter and safety, they can become more reliant on others. This dependency tends to promote strong group loyalty – increasing support for its norms, including “traditional” heterosexual family structures. People living in richer nations, by contrast, tend to have a lot more security. As a result, they are more likely to have freedom to make the decisions that suit them, and to believe in self-expression.

Studies laten zien dat dat de redenen waarom in sommige landen homoseksualiteit wordt geaccepteerd en in andere niet, vaak worden gekoppeld aan drie belangrijke factoren: economische ontwikkeling, democratie en religie. 

Een van de theorieën is dat dat de economie de houding van zijn bevolking bepaalt – inclusief hoe zij omtrent LHBT rechten voelt. Armere landen neigen vaker om minder ondersteunend te zijn, waarschijnlijk omdat de culturele waarden meer gefocust zijn op basale overleving. Wanneer de mens meer zorgen heeft omtrent zaken als schoon drinkwater, onderdak en veiligheid, dan wordt men afhankelijker van de ander. Deze afhankelijkheid leidt naar een sterkere groepsloyaliteit – sterkere behoefte aan normen, inclusief de ‘traditionele’ heteroseksuele familie structuren.

Mensen die in rijkere landen leven daarentegen voelen veel meer individuele veiligheid. Met als resultaat om meer individuele keuzes te maken en te geloven in zelf-expressie. 

Bron: BBC.co.uk.; Vertaling: MT. Foto: veranderingen in waarden tov homoseksualiteit.